Juiste middel op juiste plek
Veel groene middelen werken via contact. Dat betekent dat een goede spuittechniek cruciaal is voor een optimaal resultaat. In de glastuinbouw wordt veel aandacht besteed aan het verbeteren van de toepassingstechniek van gewasbeschermingsmiddelen. Dat begint bij het juiste toepassingsmoment en gaat verder met de keuze en afstelling van spuitapparatuur, doptype, druppelgrootte, watervolume en rijsnelheid.
Het doel is het middel precies op de juiste plek aan te brengen, bijvoorbeeld aan de onderkant van bladeren waar veel plagen zich ophouden. Voor elke combinatie van techniek, gewasstand, plaag en middel, is het nodig om uit te zoeken wat de beste instellingen zijn op het eigen bedrijf.
Moment van toepassen
Op tijd starten met behandelen geeft een betere bestrijding, zeker bij groene middelen. Goed scouten, monitoren en tijdig ingrijpen vormt hiervoor de basis.
De effectiviteit van een behandeling, hangt voor een belangrijk deel samen met het moment van toepassen. Sommige middelen hebben bijvoorbeeld langer een vochtig bladoppervlak nodig om goed te kunnen werken, andere werken juist beter als het blad snel opdroogt. Let dus op RV en instraling, maar ook op de plaagontwikkeling en –gedrag.
Voorkom emissie
Voorkom afdruip van gewasbeschermingsmiddelen. In moderne glastuinbouwsystemen wordt gebruik gemaakt van recirculatiesystemen om spuitvloeistof op te vangen. Dat helpt emissies te voorkomen en maakt het mogelijk om restvloeistoffen opnieuw te gebruiken.
Zet hulpstoffen slim in
Hulpstoffen kunnen de werking van gewasbeschermingsmiddelen versterken. Ze verbeteren bijvoorbeeld de hechting op het blad, zorgen voor een betere verdeling over het gewas, of bevorderen de opname van de werkzame stof.
Er zijn verschillende soorten hulpstoffen, elk met een eigen functie:
- Opnameverbeteraars worden gebruikt bij middelen met een systemische of translaminaire werking.
- Uitvloeiers zorgen voor een betere bedekking van het bladoppervlak.
- Hechters zijn vooral nuttig ter voorkoming van afspoeling, bijvoorbeeld bij beregening of in buitenteelten.
Suikerlokstoffen
Een opvallend voorbeeld is het gebruik van suikerlokstoffen bij de bestrijding van trips. Door suikers toe te voegen aan het middel blijven trips langer op het gewas aanwezig, waardoor de kans op opname van het middel toeneemt.
Afstemmen op gewas, plaag en middel
De keuze voor een hulpstof moet zorgvuldig worden afgestemd op het type gewas, het plaagbeeld en de eigenschappen van het middel. Een verkeerd gekozen hulpstof kan het effect zelfs verminderen.
Sommige formuleringen van gewasbeschermingsmiddelen bevatten al een hulpstof. Dan is toevoeging van een (andere) hulpstof meestal ongewenst of onnodig. Gebruik daarom uitsluitend goedgekeurde hulpstoffen die compatibel zijn met het betreffende middel en gewas.
Factsheet precisie gewasbescherming
Download de factsheet hier.