Aanpassen bemesting verhoogt plantweerbaarheid

In het project worden de effecten onderzocht van een verminderde nitraatgift op plantgezondheid (trips, Botrytis en echte meeldauw). Daarbij zijn twee tomatenproeven met precies dezelfde behandelingen opgezet: een zomer- en winterteelt van 17 weken.  Planten van het ras Komeet zijn op bakken (3.5 stengels/m2) met recirculatie geteeld met 5 verschillende nitraattrappen: 2, 4, 6, 8 en 16 (referentie) mmol/liter en een trap met verhoogd silicium (1.5 mmol/liter). Om ervoor te zorgen dat planten op deze concentraties reageren, werd bewust een lage EC-waarde (2,6) aangehouden, maar een hogere irrigatiesnelheid toegepast met een drainagepercentage van ongeveer 80%. De verlaagde nitraatgift is gecompenseerd door een verhoogd chloride. 

Minder nitraat = minder tripsschade en meeldauw
De beoogde nitraatconcentraties in de voeding zijn goed gerealiseerd. Tegen het einde van de teelt zijn bio-toetsen uitgevoerd met trips, Botrytis en echte meeldauw en zijn metingen van gewaskwaliteit en productie genomen. De resultaten waren opmerkelijk: de biomassa van de planten werd in de winter veel sterker beïnvloed door het nitraatniveau dan in de zomer. Dit kwam als eerste tot uiting in een lager plantgewicht, maar dat ging niet direct ten koste van de vruchtproductie. In beide teelten veroorzaakte alleen de laagste nitraattrap een significante afname van de opbrengst in hoeveelheid (kg/m2) en in vruchtgewicht.

Zoals te verwachten was de opbrengst van de zomerteelt hoger dan die van de winterteelt. Een nitraatgift van 6 mmol/liter of lager verminderde tripsschade en ook meeldauwinfectie aanzienlijk in de zomer- en winterteelt. Verlaging van stikstof had geen effect op Botrytis. Ook verhoging van silicium had geen gevolgen voor de plantgezondheid. Conclusie is dat bij nitraatgiften tussen 4 en 6 mmol/l een sterke afname van tripsschade en meeldauwinfectie te bereiken is bij opbrengstniveaus die vergelijkbaar zijn met de referentieteelt van 16 mmol/l. 

Dit project wordt uitgevoerd door Vertify, Stichting Control in Food & Flowers en Wageningen University & Research Business Unit Glastuinbouw en gefinancierd en gecoördineerd vanuit het innovatieprogramma Het Nieuwe Doen in Plantgezondheid van Kennis in je Kas (KijK). Mede mogelijk gemaakt door Gewascoöperatie Tomaat en Gerbera, Nouryon Functional Chemicals, Normec Groen Agro Control, en NovaCropControl. Het onderzoek wordt intensief gevolgd en begeleid door telers.

Auteur: Kirsten Leiss (WUR)